………tot ze Hem niet meer zagen…….


Er zijn van die momenten dat je alles en iedereen achter je wil laten. Dat het leven je blokkeert, helemaal klem zet. Wat kan een mens zich verlaten voelen, op zichzelf teruggeworpen…
In deze tijd van vergaande maatregelen om het coronavirus te beteugelen, hebben we, denk ik,  zulke gevoelens allemaal wel. Wij kunnen niet vrijuit doen wat we willen, niet met elkaar omgaan zoals we altijd gewend waren. Veel samen thuis kan heerlijk zijn, je kunt elkaar ook danig in de weg zitten; wie alleen is, nauwelijks contact mag, kan zichzelf genadeloos tegenkomen; bepaald  niet prettig, ongemakkelijk, pijnlijk vaak. Bij rouw en afscheid ervaren we dit vaak extra sterk.  Jezus’ leerlingen zijn zijn vertrouwde aanwezigheid en bezieling helemaal kwijt. Hij onttrekt zich aan hun waarneming, Hij ontbreekt in hun gezelschap.
Een van de meest markante kenmerken van onze mooie aarde is haar aantrekkingskracht: wij kunnen haar niet ontkomen, zij houdt ons vast, dichtbij, in het hier en nu. Dat maakt dat het wringt als we moeten loslaten en prijsgeven, ervaringen die ieder van ons kent, vroeger of later, onvermijdelijk. Het bijzondere van ‘hemelvaart’ is wellicht niet zozeer dat Jezus -om in die beeldspraak te blijven- hen lijfelijk voorgoed te boven gaat; het bijzondere is dat zijn volgelingen zover zijn gekomen dat ze Hem kunnen laten gaan…
Deze tijd leert ons opnieuw dat alleen wie zo ver is, wie de moed gekregen heeft om het vertrouwde, het altijd vanzelfsprekende echt prijs te geven, zich opent voor nieuwe perspectieven. Naar mijn gevoel gaan de getuigenissen van Hemelvaart en Pinksteren toen, zo kort na Jezus’ heengaan, hand in hand met onze ervaringen nu: vertrouwd houvast is weg, omgangsvormen, nabijheid, aanraken, tederheid, alles staat in een ander licht, of juist in naargeestig duister…
Van staren naar wat voorbij is, wat we met elkaar aan den lijve (niet meer mogen) ervaren, zullen we onze ogen moeten richten op nieuwe mogelijkheden.
Wat wens ik vurig dat door alles wat nu (af)gesloten is heen, als ooit in die bovenzaal met potdichte deuren en ramen, ons waarachtig Geestkracht mag overkomen en vervullen; ja, dat aan  onrust en angst hoe het verder moet voorbij Heilige Geest ons weer op weg helpt. Dat we elkaar met andere ogen zien, liefdevol en zorgzaam bejegenen en zo, waar nodig op afstand, toch dieper raken. Anders dan anders, wellicht ‘aardser’ en ‘hemelser’ tegelijk, mogen Hemelvaart en Pinksteren ons nu bezielen. Intense dagen toegewenst!
jos van os