lijden


Deuteronomium 26: 7b “En Jahwe heeft ons verhoord en zich onze vernedering, ons zwoegen en onze verdrukking aangetrokken.”

Er is veel lijden in deze wereld. In het groot vaak zo overweldigend dat we er weinig mee kunnen. In het klein vaak zo dichtbij en onuitsprekelijk. Is God degene die ons daaruit moet redden, onze tranen moet voorkomen, onze pijn moet wegnemen, de ziekte moet uitbannen en moet oplossen wat wij niet kunnen? Of is Hij degene die in de pijn ons nabij is en het onrecht ons aangedaan met ons meedraagt? Jezus heeft God geopenbaard en daarin zien we een God die het lijden zelf onderging. Die goed deed aan de mensen die Hij ontmoette en zijn leerlingen dezelfde opdracht gaf. Doe goed, heb lief, zorg voor de naaste, droog hun tranen, deel hun vreugde. Hij trekt ons lijden zich aan, Hij voorkomt het niet en lost het niet op. In de vastentijd mogen we ervaren dat er een God is die ons draagt en in zijn handen ons naar de overkant brengt.