Erfgenamen


Efeze 3: 5 en 6: “Nooit is het onder vroegere geslachten aan de kinderen der mensen bekend gemaakt, zoals het nu door de Geest is geopenbaard aan zijn heilige apostelen en profeten:  dat de heidenen in Christus Jezus mede-erfgenamen zijn, medeleden en mede-deelgenoten van de belofte door middel van het evangelie. ‘”

Het klinkt misschien een beetje vreemd in de oren. Heidenen die erfgenamen zijn in Jezus? Paulus schrijft dit vanuit het gezichtspunt van de Joden over Jezus die een Jood was. Het volk stond apart van andere volken (zij waren de enige monistische godsdienst (één godendom) in hun tijd). De discussie ging erover of niet-Joden ook deel konden hebben aan het koninkrijk van God. Ja, zegt Paulus, dat is door Jezus gebeurd. Hij heeft de scheidslijn tussen Joden en heidenen opgeheven, zodat ze samen tot de erfgenamen horen van de boodschap die Jezus verkondigde.

Dat is voor ons misschien oud nieuws of wij weten niet beter dan dat het zo is, in die tijd was dat een enorme verandering van denken.

Wat betekent het voor ons? Dat wij erfgenamen zijn van een boodschap die bedoeld is voor alle mensen. Niet voor een select gezelschap van gelovigen of zij die het denken te weten. Neen, de boodschap is voor alle mensen bestemd en wij hebben de opdracht om die boodschap overal te verkondigen. Nemen wij deze erfenis aan?